Schilder Jan de Boer (1877-1946)

de vergeten symbolist

Jan de Boer werd geboren in Harlingen op 3 oktober 1877. Hij overleed op 8 februari 1946 in Hoorn. Het grootste deel van zijn werkende leven was hij actief in Amsterdam. Tussen 1893 en 1894 woonde en werkte hij in onze hoofdstad om vervolgens in 1895 een jaar in Zutphen te spenderen om weer voor langere tijd terug te keren naar Amsterdam. In die tijd bewoonde hij een huis op Westerdoksdijk 50.[1] Alleen 1907 bracht hij nog gedeeltelijk door in Hilversum en in zijn nadagen heeft hij ook een huis op de Veluwe bewoond.

Jan de Boer was niet in de wieg gelegd om schilder te worden. Eigenlijk had hij in zijn vader's voetsporen moeten treden, die een carriere had als kapitein op een zeilvrachtschip. Maar hij ontdekte al snel dat zijn passie in het maken van schilderijen lag. De Boer is een rasechte autodidact, hij heeft zich het vak volledig eigenhandig eigen gemaakt. Wel volgde hij een tweejarige filosofische studie tussen 1914 en 1916.[X] Deze studie heeft ongetwijfeld invloed gehad op de thematiek van zijn werken. In eerste instantie verdiende hij zijn geld als decoratie- en plateelschilder maar na een tijdje ontwikkelde hij zichzelf tot vrij kunstenaar en waren zijn werken veel meer geinspireerd op mythen, mystiek en fantasie.[2] Jan de Boer schilderde en tekende veel stillevens, waaronder o.a. bosgronden met paddestoelen, landschappen, stillevens en portretten - maar echt bekend werd hij met zijn diepzeeflora, die bol staan van de symboliek. Zijn werk was extra bijzonder omdat onderwaterfotografie in die tijd nog niet mogelijk was, het werk van Jan de Boer was dan ook een soort science fiction en kan ook binnen de stijl van Jules Verne's Twintigduizend mijlen onder Zee geplaatst worden. Daarnaast maakte hij portretten, vaak van vrouwen.​​ In 1917 stelde hij zijn werk voor het eerst ten toon.[X]

De Boer was ook lid van verschillende kunstgenootschappen. In 1918 voegde hij zich bij de Maatschappij Arti et Amicitiae in Amsterdam.[3] Drie jaar later werd hij lid van de Vereniging van Beeldende Kunstenaars De Onafhankelijken Amsterdam, waar hij later een bestuursfunctie op zich zou nemen.[4+5] Op de website van ARTindex kunt u hem met de andere bestuursleden op de foto zien, als vierde persoon van links bezien.[6] In 1922 was hij mede-oprichter van Maatschappij Rembrandt, waar hij uiteindelijk voorzitter en bestuurslid zou worden.[7+8] In 1940 werd hij vervolgens lid van Vereeniging Sint Lucas Amsterdam.[9]​ Daarnaast was Jan de Boer betrokken bij diverse tentoonstellingen in 1921.[10] Tijdens zijn leven heeft Jan de Boer verschillende keren geexposeerd in tentoonstellingen van deze verschillende genootschappen, waaronder in het Stedelijk (in 1921, 1923, 1925, 1937, 1938, 1940 en 1941) en in het Rijksmuseum (in 1939, 1941 en 1945).[11+12] De tentoonstelling in het Stedelijk in 1937, 'Jubileumtentoonstelling van de Maatschappij Rembrandt', was volgens de tentoonstellingscatalogus zelfs georganiseerd ter gelegenheid van zowel het vijftienjarig bestaan van Maatschappij Rembrandt als de zestigste verjaardag van de voorzitter: Jan de Boer.[X]

Als persoon stond De Boer vooral ook bekend om zijn goede gevoel voor humor. Boven zijn huis op de Veluwe stond bijvoorbeeld prominent de Latijns ogende spreuk 'Mede Qua Verdi', dat hij zelf lachend uitlegde als "Met De Kwast Verdiend".

Jan de Boer wordt onder andere vermeld in het Lexicon van Nederlandsche Schilders en Beeldhouwers , A. Plasschaert's Hollandse Schilderkunst en op de websites van het Rijksbureau voor Kunsthistorische DocumentatieDocumentatie van  Beeldende Kunst in Noord-Holland en het Biografisch Portaal van Nederland.